Eerwaarde Pater Andre Haeck

Redemptorist – Pastoor op rust Doomkerke.
Zoon van wijlen Remi en Margaretha Haeck – Verstraete.
Geboren te Wingene op 23 november 1921 en godvruchtig overleden te Ekeren op 6 juni 2018, gesterkt door de gebeden van de kerk.
Geprofest te Sint-Truiden op 15 september 1942.
Priester gewijd te Leuven op 2 augustus 1948.
Begeleider en predikant van vele jeugdretraites.
Godsdienstleraar in Essen, Ekeren en Willebroek.
Pastoor te Doomkerke.
Hij was pastoor van de Sint-Carolusparochie in Doomkerke (1980-1997) en pastoor in de federatie Ruiselede en de federatie Wingene (1997-2009).
De eucharistieviering gaat door op dinsdag 12 juni 2018 om 11 uur.
Voor een laatste groet en meer detail over de begrafenins kan je terecht bij uitvaartzorg Deruddere.
Ode aan Paster Haeck.
Pastoor Haeck zijn druk leven
werd al genoeg belicht en beschreven.
’t Is allemaal positief, eervol en soms markant
maar de medaille heeft ook een andere kant.
Velen onder u kenden nog pastoor Lelieur, Magherman en Vandaele
van alle vier was Pastoor Haeck best ter tale.
Maar toen zei een pastoor confrater, Pastoor Haeck is geen pastoor , het is een pater.
Een parochie op de buiten was zijn lievelingswerk,
hij blies nieuw leven in de kerk,
zijn korte mis en zijn wekelijkse preken,
daar werd door jong en oud naar uitgekeken.
Met een kwinkslag en een lol
liep de kerk weer stampend vol.
Voor alles en iedereen had hij oog
voor niemand hing zijn bel te hoog,
en weer zei die pastoor confrater :
Pastoor Haeck is geen pastoor, het is een pater.
’t Was niet al suiker en zeem in ’t eerste,
hij werd met een scheef oog bekeken door de meeste.
Ze vonden het maar raar , zijn doen en laten
en hielden nauwkeurig zijn deur in de gaten .
Ongewild zag pastoor Haeck hen loeren achter het gordijntje;
in zijn preek maakte hij een allusie op de T.V reeks “ Het pleintje “.
Hij reed te paard en ging jagen in wind en regen
ze zeiden: we vroegen een pastoor en hebben een cowboy gekregen.
En toen weer zei die pastoor confrater:
Pastoor Haeck is geen pastoor, het is een pater.
Zijn levende kerststal was uniek ,maar zeer gewaagd
beesten in de kerk, bij St. Jozef en de H.Maagd.
De herders dreven de kudde, de schapen liepen heel gedwee,
maar helaas, de koppige ezel kreeg men niet mee.
St. Jozef besliste om een pony mee te nemen,
want zijn hoogzwangere vrouw Maria sukkelde op haar benen.
De mis liep ten einde toen de ezel plots verscheen,
’t was hilariteit en gemompel bij iedereen.
Alsnog heeft pastoor Haeck het woord genomen
daaraan ziet ge zei hij : ’t Zijn altijd de ezels die te late komen.
En weer zei die pastoor confrater:
Pastoor Haeck is geen pastoor, het is een pater.
Hij meende het goed met zijn parochianen
en leidde de jeugd in goede banen.
Hij zorgde voor verwarming om de mis te horen,
in de kortste keren hingen er gas-radiatoren.
In ieder project wist hij zich vast te bijten
en als voet verwarmers kregen zij tapijten.
Veel van zijn collega’s vonden het verspillen van geld
en die matten werden als haarden van microben voorgesteld.
Pastoor Haeck was kordaat en zei: luistert, ‘k zal het u zeggen
“als de hennen warme pootjes hebben zullen ze ook beter leggen”
En weer zei die pastoor confrater:
Pastoor Haeck is geen pastoor, het is een pater.
Voorbeelden zijn er bij de vleet,
omdat pastoor Haeck steeds iets bijzonders deed.
Op ieder thema heeft hij de puntjes op de i gezet,
maar hij orakelde nooit over het huwelijksbed,
alhoewel, hij gaf hier en daar een hint,
die dat niet zag of hoorde was stekeblind.
‘k Kan zo doorgaan, desnoods nog uren,
maar pastoor Haeck zei: een preek mag niet te lange duren .
En weer zei die pastoor confrater:
Pastoor Haeck is geen pastoor, het is en blijft een pater.
Alfons De Fauw= Godwaert 22 11 09
Gerelateerde artikelen op doomkerke.be
- Bedenkingen van een gepensioneerde paster
- Pastoor André Haeck


Publicatiedatum: 06/06/2018
Het weer
Snelgids
· Contacteer Sint Caroluskerk
· Zo is Doomkerke
· Doomkerke in een notendop
· Dorpslied
· Kamphuislied
· KFC Doomkerke lied
· Uw (handels)zaak toevoegen
· Zoek in deze site
Mop
Flavie stuurt Baziel achter een paar dozijn escargots voor 't avondeten. Op de terugweg springt Baziel zere binnen in z'n stamcafé en hij blijft hangen. 't Is al na middernacht als hij eindelijk naar huis strompelt. Bij de voordeur laat hij echter de zak met escargots uit z'n handen vallen. Als hij op z'n knieën zit om die beestjes op te rapen, hoor hij Flavie al van de trap stormen. En op het moment dat ze gloeiende kwaad de deur opentrekt, zegt Baziel: "Allez, jongers, begin nu maar te sprinten, we zijn d'er bijna".
