Lamont Robert; alias Trebor, artistieke duizendpoot.
Op de vraag: "Waar werkt uw vader?", antwoordde bijna de helft van 't Haantjes plaatse: "Hij is aan de torens". Zo ook Robert. Dat hij daadwerkelijk aan de torens werkte is een vaststaand feit, want er rest ons nog een foto weliswaar oud en vergeeld (niet voor publicatie vatbaar), waar hij inderdaad een van de vele torens aan 't verven was. Slechts enkele ingewijden kunnen uit die verkreukelde kaart Robert nog herkennen.
Robert werd geboren op 't Haantje op 9/8/1907 en overleed er op 30/9/1985. Hij was de jongste van vijf kinderen en stamt uit een poëtische familie. De ouderen onder ons zullen zich nog herinneren dat zijn ouders een Delhaize- De Leeuw winkeltje hadden op de plaatse. Doordat je daar koloniale waren kon kopen, maar ook allerhande attributen kreeg zijn vader Karel de naam van Baaske Bazaar. Uiteraard droeg Robert, in zijn jonge jaren, de roepnaam Robert van Baaske Bazaar. Robert liep school op 't Haantje en na zijn legerdienst, in het kamp van Beverlo, begon hij "aan de torens". Toen hij in 1937 trouwde met Maria Decloedt vestigden zij zich in de Zandvleuge nr. 40 (Bruggesteenweg). Zijn oudste broer Karel was een zeer goede en luimige schrijver. Hij verzorgde jarenlang enkele opvallende bijdragen in "Ons Doomkerke." Toen hij ter ziele ging op zijn 89ste , blokletterde men in de krant. "Doomkerkse volksvriend en troubadour is niet meer ". Ook Marie , de zuster van Robert, was een volksdichteres . Ze pende een merkwaardig gedicht over "Het Schip" in de volksmond beter bekend als "Het scheep" op St. Pietersveld en een luchtige satire over "Mislukte duivensport", dit nog juist voor de eerste oorlog, meer bepaald 1913. En nog vele andere. Ze zeggen soms van een mug een olifant maken, maar dat kon Robert met een gebeurtenis of een plots voorval. Zijn "Windvlage" is er een voorbeeld van. Een van de honderden die hij gemaakt heeft. Zijn onuitgegeven dichtbundel met o.a. Geboortegrond, Kerk, Volk, Natuur, Kerkorgel en ontelbare gelegenheidsgedichten, ligt voor de gegadigden ter inzage.
De Windvlage. ( ingekort)
De wind ging waaien door struik en heester,
de kiekens, ze waren hun pluimen geen meester.
Ze waren heel rap uit elkander geslagen,
de beesten ze kunnen zulk weer niet verdragen.
Nu was 't al gehuld in een wirwar van stof,
men kon niet meer kijken tot 't eind van het hof.
Tegen de muur stond een bezem gesteld,
maar kon daar niet blijven door 't hemels geweld.
Hij ging aan het rollen en bollen in 't rond
en zwaaide en slingerde recht naar de hond.
De hond niet verlegen van hond of van kat
nam nu de vlucht met zijn steert in zijn gat.
Vooral: Aan de pioniers van Doomkerke. Ere wie ere toekomt, spreekt tot de verbeelding. Weliswaar werd de fantastische tekst drastisch ingekort.
O kerke ! met uw slanke toren
waar ik dicht ben bij geboren.
Waar ik mijn kindsheid sleet,
waar ik nu nog werk en zweet.
Links van de kerk ligt een uitgegraven weide,
de eigenaar van die grond, toen ter tijde
schonk hem aan E.H. Pastoor Karel Doom
om er een kerk te bouwen, zijn levensdroom.
Die grond is daar bij uitzondering, vettig en kleitig,
voor andere doeleinden gebruiken ware toch spijtig
Gauw roept de pastoor zijn commissie bijeen
en zegt hun: Wij gaan daar delven en bakken er steen.
Beslist heeft de voorzienigheid hierin de hand
want overal elders is 't zavel en zand.
En zo ontstond onze kerk, met wat huizen er rond
met zelfgemaakte stenen en uit eigen grond.
Doomkerke, dat is de naam van ons dorp
naar hem genoemd die het ontworp.
Zo mede blijft hij voor eeuwig herdacht,
door ieder van ons en ons nageslacht.
Tegenover u, gevers van het eerste uur.
slaan wij gewis maar een flauw figuur
Eenieder staat over uw bouwwerk verstomd
Daarom nog eens, "Ere wie er toekomt."
Zijn rijmende vertelkunst is onnavolgbaar, en je wordt er geboeid van de eerste tot de laatste zin.
Veel van zijn gedichten ratelen van de alliteraties. Alleen bij zijn kinderen heeft hij de stafrijmen beperkt tot zijn oudste dochter Lutgarde Lamont. L/L
In 1956 verscheen in de krant "De zondag" een artikel over dichters in onze contreien, daarin werd vermeld: Baziel Van Laecke, Robert Lamont en Alfons De Fauw. Robert Lamont schreef onder het pseudoniem Trebor.
Ook met het penseel was hij een fenomeen.
Hij was handig met het penseel. Ook met het penseel van de liefde was hij zeer bedreven want samen met zijn vrouw Maria heeft hij 7 kinderen verwekt.

't Is een kunstwerk hoe hij pastoor Vandaele vereeuwigde op doek. Niet alleen pastoor Vandaele, maar alle gewezen pastoors schilderde hij en die werden meegedragen in de stoet, ter gelegenheid van het 100 jarig bestaan van de parochie, in het zeer droog en uiterst warm jaar 1976. Maar niet te geloven, het miezerde de ganse dag en op de koop toe was het nog koud erbij. Ge hebt het al geraden: zijn pastoors kwamen niet in al hun glorie aan hun trekken. Een kanttekening: de dag ervoor was het 30 graden, de zondag amper 18° en de maandag terug 30°. Hij kon zijn stillevens een zodanige touch geven, dat je ze in één oogopslag ziet bewegen. Slechts een van zijn kleinkinderen was poëtisch aan gelegd, maar liet haar talent door een of andere oorzaak verwateren. Of is het bij gebrek aan inspiratie.
Godwaert.
Publicatiedatum: 12/05/2014
Het weer
Snelgids
· Contacteer Sint Caroluskerk
· Zo is Doomkerke
· Doomkerke in een notendop
· Dorpslied
· Kamphuislied
· KFC Doomkerke lied
· Uw (handels)zaak toevoegen
· Zoek in deze site
Moppen van Fonne
Vervolg van de Nederlandstalige woorden
Gadeslaan: je vrouw afrossen.
geschiedenis: heden dat in de toekomst verleden wordt.
gastarbeider: invoerproduct om de werkloosheid op peil te houden.
geheelonthouder: iemand die niet weet wat hij mist.
galop: alle gal is op.
geboorte: expositie.
geheugenwonder: geheelonthouder.
gekonkel: gekke oom uit Nederland.
getikt: een brief van Lotje.
gevangenis-eten: normaal.
gewoonlijk: ordinaire dode.
goudvis : rijk geworden pekelharing
graf: grondige oplossing.
haan: wekker bij de gratie Gods.
haar: meestal te vinden in de soep of in de boter
haard: vroegere verzamelplaats van familie, nu van microben.
haarnetje: het is haar netje.
harem: oefenplaats voor kampioenminnaar.
heelal: gat met niets eromheen.
heftruck: oplichterij.
humeurig : met been uit het verkeerde bed gestapt
hoofdverpleegster: komt gewoonlijk niet verder dan de voeten.
hooimijt: vrouw van een stroman.
huisvriend: echtscheidingsspecialist
hoofdweg: resultaat van de guillotine.
handgeklap: voltooid deelwoord van “gebarentaal”.
hoesten: anti jeukmiddel voor inwendig gebruik.
hardhorige: alleen horen wat niet voor u bestemd is.
imker: bijbaantje.
ijs: water door de kou gehard.
inkomen: bedrag waarmee je moet uitkomen.
interim: achternaam van ad.
interlokaal: een paling in zijn ondergoed.
inflatie: waardevermindering van de munt, gekoppeld aan loonsverhoging.
inmaken: vrouwen laten groenten op een langzame manier bederven.
idee: goeie inval, vooral als het van jezelf komt.
jaagpad: gehaaste kikker.
judoka: wegwerpmens.
juwelier: steenrijk man.
Joost: waarom mag hij het weten?
jammer: vergrotende trap van confituur.
ju: 1ste versnelling vooruit bij een paard.
jaarlijks verlof: gewaarborgde periode van zware regenval.
jarretel: rekbaar begrip, met uitsterven bedreigd.
jongen: baren zonder medische hulp.
jasmijn: Brusselaar in een Vlaamse vestiaire.
jockey: moet rechtstaan om aan de trappers te kunnen.
kaarsrecht :recht om kaarsen te vervaardigen.
kameel: zandloper.
Karachi: vandaar komt het niespoeder.
kannibaal: ander woord voor koppensneller
kater: voor de poes of na het drinken.
kip: rendier.
klassiek: epidemie op school.
koningshuis: een royale boel.
koppelbaas: huwelijksmakelaar.
koude schotel: warm aanbevolen.
kalkoen: kip met lopende neus.
kiespijn: na de verkiezing.
kieskeurig :tand in goede staat
katoen: familienaam van Mie.
kettingroker: iemand die om de 8 cm een sigaret tegenkomt.
koepon: nachtgewaad voor rund
krakeling: zoontje van een inbreker
