Planterijstraat z.nr
Veldkapel z.g. "Debels kapel ", links van de oprit leidend naar nr. 29. Gewijd aan O.-L.-Vrouw van Lourdes, en in 1914 door de boomkweker Pieter De Bel gebouwd om te voorkomen dat zijn zoon door de Duitsers zou worden opgeëist. Opgetrokken in rode, verankerde baksteen onder zadeldak (daktegels). Arduinen plint, dekplaten en bekronend kruis. Spitsboogdeur met erboven jaartal "1914 ".Spitsboogvensters in de zijgevels met bewaard schrijnwerk en bovenlicht met gevorkte roedeverdeling. Tandlijst onder de dakrand. Interieur met witbepleisterde muren onder spitstongewelf, altaar.

| Met dank aan: |
| Van Vlaenderen P. & Vranckx M. 2008: Inventaris van het bouwkundig erfgoed, Provincie West-Vlaanderen, Gemeente Ruiselede, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen WVL39, (onuitgegeven werkdocumenten). |
| Auteurs : Patricia Van Vlaenderen, erfgoedconsulent, Afdeling R-O West-Vlaanderen - Onroerend Erfgoed Martien Vranckx, bouwhistorica |
| De inventaris is een dynamisch document. De meest recente gegevens en fotomateriaal vind u op http://inventaris.vioe.be. |
Het weer
Snelgids
· Contacteer Sint Caroluskerk
· Zo is Doomkerke
· Doomkerke in een notendop
· Dorpslied
· Kamphuislied
· KFC Doomkerke lied
· Uw (handels)zaak toevoegen
· Zoek in deze site
Moppen van Fonne
Kamphuislied
Kamphuislied. (wijze: daarbij die molen) Fons De Fauw - Godwaert
Wie weet hoe hier het kamphuis kwam
in 't lied is 't gauw verteld.
Ze kregen grond van een madam
z' had grond en heel veel geld.
Haar man schonk haar het grootste deel,
hij kwam uit Brussel stad,
ze leefde goed en ook heel veel:
z' heeft kind noch kraai gehad.
We zijn HAAR dankbaar, nog steeds heel dankbaar
' t publiek van 't haantje ,die zingt nu met mij mee
We zijn HAAR dankbaar, nog steeds heel dankbaar
't publiek van 't haantje, die zingt hoezee, hoezee.
Juist na de oorlog werd gestart
een school met galerij.
De feestzaal stond er gans apart
de koer daar speelden wij.
Maar jaar na jaar verdween de pracht,
gedaan met het vermaak.
Ze werd terug op gang gebracht
dank zij de paster Haeck.
We zijn HEM dankbaar, voor eeuwig dankbaar
' t publiek van 't haantje ,die zingt nu met mij mee
We zijn HEM dankbaar, voor eeuwig dankbaar
't publiek van 't haantje, die zingt hoezee, hoezee.
Eerst heel voorzichtig met de jeugd
kamperen aan het bos.
De ouders waren zeer verheugd,
hun kinders waren los.
Maar op een dag werd het benauwd
't was geen comfort genoeg,
de school en zaal werd gans verbouwd,
't was dat , dat 't haantje vroeg
We zijn HEM dankbaar, voor eeuwig dankbaar
' t publiek van 't haantje ,die zingt nu met mij mee
We zijn HEM dankbaar, voor eeuwig dankbaar
't publiek van 't haantje, die zingt hoezee, hoezee.
Heel zeker wel met honderd man
werd er heel hard gewerkt.
Geboord, gezaagd , ' t was volgens 't plan,
je hebt het wel bemerkt.
Ik zong daarjuist van honderd man,
het woord klinkt zo cliché ,
'k vergis me ook, soms nu en dan:
ook vrouwen hielpen mee.
We zijn HEM dankbaar, voor eeuwig dankbaar
' t publiek van 't haantje ,die zingt nu met mij mee
We zijn HEM dankbaar, voor eeuwig dankbaar
't publiek van 't haantje, die zingt hoezee, hoezee.
Het Kamphuis dient voor dat en dit
multifunctioneel.
Het is een dorp waar pit in zit
genoeg maar niet te veel.
't Begon dus met madam De Roo
't geraakte op het spoor,
en paster Haeck deed 't ons cadeau
hoera, meneer pastoor.
We zijn HEM dankbaar, voor eeuwig dankbaar
' t publiek van 't haantje ,die zingt nu met mij mee
We zijn HEM dankbaar, voor eeuwig dankbaar
't publiek van 't haantje, die zingt hoezee, hoezee.
Wij zijn vanavond weer te gaar,
hier op ons Kamphuisfeest
wij vieren samen bij elkaar,
en zingen om het meest.
Maar bovenal zo klinkt ons wens,
dat 't verder goed mag gaan,
't dat kamphuis nu voor ieder mens,
altijd zal open staan.
We zijn HEM dankbaar, voor eeuwig dankbaar
' t publiek van 't haantje ,die zingt nu met mij mee
We zijn HEM dankbaar, voor eeuwig dankbaar
't publiek van 't haantje, die zingt hoezee, hoezee.
